De leukste site van Goeree Overflakkee
Verhalen, Gedichten, Blog
Home
Gedichten
Verhalen
Nóg Meer verhalen
Blog
Leeg
De radio
Een Frans toilet
Een uurtje in de zon
Voor de bakker
Geuren van vroeger
Jan v Halst
Trage hersenactiviteit
Opwarming
Opwarming

 

Opwarming
 
Toen ik ruim een jaar geleden voor het eerst het woord ‘klimaatneutraal’ hoorde wist ik dat het met onze schijnbare rust was gedaan. Tot die bewuste dag stortten we onze bijdrage voor Greenpeace, we draaiden als we naar bed gingen de verwarming een graadje lager en deden verder wat we al jaren deden, in de Wehkampcatalogus zoeken naar iets wat we niet nodig hadden. We aten met vrienden en dronken ‘een goed wijntje’ rondom ons onmisbare kookeiland. We gingen in de winter naar ‘de zon’ en in het voorjaar naar de sneeuw. Eigenlijk hadden we het nog niet zo slecht. Natuurlijk wisten we dat de zeespiegel intussen bleef stijgen en de Noordpool zoetjesaan aan het wegsmelten was, maar echt last hadden we daar nog niet van. Klimaatneutraal drukte ons met de neus op de feiten. Al Gore onderstreepte die feiten nog eens. Wetenschappers over de hele wereld dansten uitgelaten in het rond. Eindelijk actie! Na het uitsterven van de dino’s was er niets wat het bestaan van natuurwetenschappers rechtvaardigde. Nu was er weer werk aan de winkel!
Ondanks mijn overtuiging dat het om een stunt van de auto-industrie ging, die hun tegenvallende verkoopcijfers wilden opvijzelen en vliegmaatschappijen die hun prijzen ongestraft konden opvoeren met een ecotaks begon ik ná te denken. Ik sorteerde mijn afval steeds beter, poetste mijn tanden met de kraan uit, nam een computergestuurde thermostaat en een klimaatneutrale auto. Meer kan een mens toch niet doen? Af en toe sliep ik minder goed door de zorg die ik erbij gekregen had, het klimaat. Om die slapeloosheid wat dragelijker te maken, plaatsten we een tv in de slaapkamer en díe opende afgelopen nacht mijn ogen!
Zappend naar iets wat de moeite van het bekijken waard was, kwam ik bij National Geografic terecht. Het zat méé, want precies op dat moment begon een programma waar ik dol op ben, een aflevering van Megastructures. Ik nestelde me diep in mijn kussen, nam een bonbon en keek!
 
De eerste beelden lieten me glimlachen van verwondering, blauwwitte sneeuwkristallen stoven over een onmetelijke vlakte op de Zuidpool. De nooit smeltende sneeuwkorreltjes vormden hoge bergen, diepe dalen en vlaktes van een verstilde en ontroerende schoonheid. We hebben al veel verknald met z’n allen, maar hier is het nog ongerept, dacht ik nog. Die gedachte duurde maar kort, de camera zoemde in op een vuile vlek in de verder smetteloze sneeuw. De vlek werd groter en groter, er bewoog zelfs hier en daar wat. Na enkele seconden zag ik wat er gebeurde. Op de vlek, die de afmetingen bleek te hebben van een klein stadje, werd gebouwd en niet zo’n beetje ook. Tientallen bulldozers, kranen en heftrucks reden af en aan. Er stonden honderden containers met brandstof en materialen voor een gebouw van ongekende afmetingen. De bedrijvigheid deed zeker niet onder voor een drukke dag in één van de Rotterdamse havens. Tweehonderdenvijftig mensen bouwden daar al jarenlang in de zomermaanden aan een onderkomen voor onze, van ongeduld trappelende wetenschappers. Vol verbijstering keek ik mee naar binnen. In hemdsmouwen ( niks verwarming een graadje lager! ) liepen er tientallen mensen rond. Ik zag de sportschool, tennisbanen, vergaderruimtes en kantines. De supermoderne keuken zo groot als een voetbalveld werd bemand door tientallen koks. Zij maakten een heerlijke viergangenmaaltijd voor de medewerkers, die zojuist weer een vleugel van het monsterlijke gebouw hadden afgeleverd.
 
De cameraman nam ons opnieuw mee naar buiten, waar dik ingepakte technici bezig waren de motor van een bulldozer op te warmen tot een gangbare starttemperatuur. De verwarmingsketel die daar voor nodig was, produceerde genoeg warmte voor vijf woonhuizen vertelden ze trots. Het apparaat stond dag en nacht te loeien, want bij min dertig start geen enkele machine. Meer dan duizend vluchten met de reusachtige Hercules die vanaf Australië hierheen vloog, waren er nodig om de ruim één miljoen ton materialen voor de gebouwen te brengen. Er moesten nog zeker vier onderzoekcentra bijkomen om het geheel te voltooien. Een al in gebruik zijnde toren met de afmetingen van een flat, werd elke paar maanden verschoven. Onder het gebouw werden gaten geboord tot vijfhonderd meter diepte om het zuivere Zuidpool ijs te onderzoeken. Als het ijs onder het gebouw helemaal poreus werd, verschoven ze het gewoon. Plaats genoeg! Het hoofdgebouw was op palen van vier meter hoog gebouwd om de stuifsneeuw er onderdoor te laten waaien. Alle vorige gebouwen die vanaf negentienzesenvijftig werden gebouwd, raakten te snel ondergesneeuwd. Mocht de sneeuw over enkele jaren toch hoger liggen dan gedacht, kan het gebouw nog twee keer vier meter opgekrikt worden. Handig hoor en het kan wel dertig jaar méé, dacht de architect. Ik besefte dat nog maar honderd jaar geleden de eerste mens op die ongerepte Zuidpool kwam. Nu zijn er permanent zo’n tweehonderd personen aanwezig. De wetenschappers verrichten er allerlei proeven, maar één van de belangrijkste onderzoeken is, of de mens inderdaad invloed heeft op de steeds snellere opwarming van de aarde.
 
*Aanvulling 10-11-2008*
Ja, de mens heeft invloed is mijn overtuiging, maar niet zoveel als de wetenschap ons wil doen geloven. Er wordt weer al grof verdient aan millieu-tax die te pas en te onpas is ingevoerd! Voor elke vliegreis planten ze sinds een jaar of wat een boom. Maar niet heus. Handige zakenlui, die er verantwoordelijk voor waren, lieten een jong bos zien dat al bestond ver voor de tax werd ingevoerd! Het geld? In de zak van een paar oplichters, net als zo vaak gebeurt!
 
 Wetenschappers moeten eens iets écht nuttigs gaan doen in plaats van met honderden mensen steeds weer opnieuw de Noord- en Zuidpool onderzoeken. Het is er drukker dan in het centrum van een flinke stad. Vliegtuigen vliegen er af en aan. Er is verwarming, eten en brandstof nodig, grote gebouwen als onderkomen, worden overal neergezet en die blijven na zo'n 'vakantie' staan. Er liggen intussen honderden containers met bouw- en ander afval en zeker zoveel lege olievaten. Het gaat maar door in naam van de wetenschap, die zichzelf op deze manier nog jaren aan het werk houdt op ONZE kosten, via ONS geweten en ONS schuldgevoel.
 
De natuur heeft al miljoenen malen bewezen meer aan te kunnen dan wij denken. Diersoorten en planten passen zich aan. Er zijn al vaker tijden van extreme warmte en extreme kou geweest. Toen waren er geen mensen, fabrieken of vervuiling. Waarom is het dan nú plotseling onze schuld? Waarschijnlijk omdat we dan uit schaamte tot in eeuwigheid blijven betalen! Eerlijk waar mensen, ik ben er van overtuigd dat we ook op dit gebied weer besodemieterd worden.

Corrie Huijer